Afgelopen zomer deed ik mee aan de columnistenwedstrijd van de Volkskrant. Opdracht: schrijf een column van maximaal 250 woorden. In totaal heb ik drie columns ingezonden, helaas zonder resultaat. Hier column nummer één:

 

GESCHEIDEN UNIVERSA

Er zijn twee soorten ouders te vinden op het schoolplein: ouders die drugs gebruiken en ouders die geen drugs gebruiken. Terwijl hun kinderen zich met elkaar vermengen, hebben de laatsten werkelijk geen benul van de David-Lynchiaanse parallele realiteit waarin de andere ouders zich bij tijd en wijle begeven.

Vaders, licht kalend en met beginnend buikje, de kroeg uitgegooid na snuiven op de plee. Moeders, aan de LSD op een psytrance-festival terwijl dochterlief in de tent ligt even verderop. Het etentje dat zodanig gezellig is dat er toch maar even ‘gebeld’ moet worden, zodra de kinderen in dromenland zijn. Wel even de trap in de gaten houden. Op nieuwjaarsochtend bakt papa, nog wakker want hij gaat lekker op de pep, eitjes voor de kinderen in hun pyamaatjes.

Ouders die gescheiden leven zijn spekkoper. Om het weekend kunnen de communicatielijnen dicht en de remmen los. Voor ouders die wel samenzijn is het daarentegen kibbelen geblazen, wie deze keer aan de mdma of ketamine mag; oma heeft niet altijd zin om op te passen.

Soms lopen de zaken door elkaar. Schattig is het meisje dat een dekentje haalt omdat mama het koud heeft; in werkelijkheid klappertandend van de ecstacy. Lastiger wordt het als je uit moet leggen waarom er telkens twee mensen tegelijk het toilet in verdwijnen.

Overigens dienen ouders die dit schandalig vinden, maar zich met enige regelmaat wel een stuk in de kraag zuipen, hun mond te houden.